Kan voeding de werking van je hersenen beïnvloeden?

Het antwoord is “ja”! Langdurige voedingsgewoonten blijken de meest ingrijpende invloed te hebben op de kwaliteit van je darmmicrobiota, de werking daarvan op je lichaam in het algemeen, en op je hersenen in het bijzonder1. Daarom kan je voeding als een hoofdinstrument zien om je darmmicrobiota te beïnvloeden en daardoor de gezondheid van je hersenen te bevorderen. Maar wat is darmmicrobiota precies, hoe is het anders dan microbioom, waar is darmmicrobiota in ons lichaam bij betrokken en wat is de relatie tussen darmmicrobiota en hersenen?

Wat is een microbioom?

Elk mens leeft in een wederzijdse afhankelijkheid met 1012 tot 1024 micro-organismen. Micro-organismen of, met andere woorden, microben (allerlei bacteriën, virussen, schimmels en andere eencellige organismen) bewonen zowat elk deel van het menselijk lichaam, zoals bijvoorbeeld mond, neus, huid, maag en darmen. Schattingen variëren, maar er zouden wel eens meer dan 1.000 verschillende soorten micro-organismen kunnen zijn die het menselijke lichaam bewonen. Micro-organismen hebben eigen genetisch materiaal en vormen samen een menselijk microbioom.

Microbioom = micro-organismen en hun genetisch materiaal in het menselijk lichaam

Soms veroorzaken micro-organismen ziekte, maar meestal ongeacht het soort micro-organismen, leven ze in harmonie met jou, hun gastheer, en bieden vitale functies die essentieel zijn voor je overleven. Zo helpen bacteriën bij immuuntolerantie, huishouding van de darmen, aminozuur- en vitaminesynthese, leidend tot een gezond metabolisme2. Aan de andere kant, zijn deze bacteriën absoluut afhankelijk van de gastheer voor het verkrijgen en verspreiden van voedingsstoffen door het hele lichaam.

Wanneer het menselijke microbioom wordt uitgedaagd door veranderingen in dieet, stress of door antibiotica, verandert de samenstelling van micro-organismen in verschillende organen, waaronder de darmen. Disbalans van de darmen leidt tot verhoogde darmdoorlaatbaarheid(met andere woorden, darmpermeabiliteit of lekkende darm)wat schadelijke effecten veroorzaakt op je immuunsysteem. Dat kan zich uiten in ziekten zoals chronische darmontsteking, diabetes, astma en psychiatrische stoornissen, waaronder depressie, angst en autisme2.

Wat is een microbiota en waarom is zo veel aandacht voor darmmicrobiota?

De populatie van micro-organismen op een bepaalde locatie, zoals op de mond, huid en darmen wordt microbiota genoemd2. Zo is de microbiota, die zich in de menselijke darm bevindt, een van de dichtstbevolkte microbiële plek in het menselijk lichaam3. Ter vergelijking, het totale aantal bacteriën in de mond is minder dan 1% van het aantal bacteriën in de dikke darm. Verder is de concentratie van bacteriën in de maag en de bovenste ⅔ van de dunne darm (twaalfvingerige darm en jejunum (het middelste stuk)) slechts 10³-10⁴ bacteriën/ml, vanwege de relatief hoge zuurtegraad van de maag en de snelle stroom van de inhoud door de maag en de dunne darm4.

Microbiota = micro-organismen op een bepaalde locatie in het menselijk lichaam

De microbiota van de darm wordt darmmicrobiota of, in meer bekende termen, darmflora genoemd. De samenstelling van de darmmicrobiota van een mens is uniek, net als onze vingerafdruk. Ze bevat tientallen biljoenen micro-organismen en dat is tien keer meer cellen dan in ons lichaam.

Darmmicrobiota = darmflora

Omdat de meeste micro-organismen in de darmen worden aangetroffen, worden hier ook de meeste nieuwe wetenschappelijke ontdekkingen gedaan. In gezondheid en bij ziekte wordt de rol van darmmicrobiota, steeds vaker wetenschappelijk aangetoond en is daardoor meer erkend.

Waarom is darmmicrobiota belangrijk?

De darmmicrobiota voert een aantal onmisbare functies uit1, zoals

  • bij voeding: het levert essentiële voedingsstoffen en bioactieve tussen- of eindproducten van voedingscomponenten (metabolieten)
  • bij stofwisseling: het is betrokken bij energieregulering
  • bij ziekte: het voorkomt pathogene kolonisatie (=verzameling van “slechte” bacteriën) direct of indirect door een fenomeen dat kolonisatieweerstand wordt genoemd
  • bij immuniteit: het onderhoudt de integriteit van de slijmvliesbarrière en is een essentieel component in de regulering van het immuunsysteem in de darm.

Aan de andere kant, is darmmicrobiota absoluut afhankelijk van jou voor het verkrijgen en verspreiden van voedingsstoffen door het hele lichaam en voor de acceptatie van darmmicrobiota door je immuunsysteem.

Wat beïnvloedt de darmmicrobiota?

Talrijke factoren hebben invloed op de samenstelling van de darmmicrobiota, waaronder:

  • genetica
  • gezondheidsstatus
  • geboortemodus (op een natuurlijke manier geboren of via een keizersnede) en
  • omgeving.

Het is echter de voedingssamenstelling en de voedingsstatus waarvan herhaaldelijk is aangetoond dat het een van de meest kritieke aanpasbare factoren is die de darmmicrobiota reguleert gedurende het hele leven en onder verschillende gezondheidsomstandigheden3.

Wat heeft darmmicrobiota met hersenen te maken?

Met groeiend bewijs wordt steeds opnieuw aangetoond dat de darmmicrobiota een sleutelrol speelt in de regulering van menselijk gedrag en hersenfuncties3. In recente studies wordt het communicatiekanaal tussen darmmicrobiota en de hersenen ook “de darmmicrobiota-hersenas” genoemd. Dit communicatiekanaal is bidirectioneel en vindt plaats via verschillende communicatieroutes. Via de communicatieroutes regelt de “darmmicrobiota-hersen-as” de centrale fysiologische processen, zoals:

  • werking van neurotransmitters die ons gedrag beïnvloeden (neurotransmissie)
  • de groei en ontwikkeling van neurons die betrokken zijn bij regulatie van stemming, ruimtelijk leervermogen en geheugencodering (neurogenese)
  • de afgifte en signalering van peptidehormonen en darmpeptiden die invloed hebben op de werking van verschillende organen, o.a. spijsvertering, hart en longen (neuro-endocriene signalering)
  • neuro-ontsteking.

Disregulatie van de darmmicrobiota leidt vervolgens tot veranderingen in al deze centrale processen en kan depressief gedrag veroorzaken. Andersom kunnen gedragsveranderingen de samenstelling van de darmmicrobiota veranderen.

Hoewel een verband tussen darmaandoeningen, vooral in de dunne darmen, en bepaalde psychiatrische aandoeningen al lang wordt erkend, blijkt nu dat ook darmmicrobiota directe invloed heeft op cognitieve functies en gedragsstoornissen6,7,8. Zo, bijvoorbeeld, legt een ontsteking van het maagdarmkanaal stress op de darmmicrobiota door de afgifte van cytokines (= een molecuul dat een rol speelt in de immuunafweer en het activeren van bepaalde receptoren) en neurotransmitters (= chemische stofjes van de hersenen die informatie tussen de neuronen doorgeven en een essentiële rol spelen in de functies van de brein, stemming, persoonlijkheid, gedrag etc.). In combinatie met de toename van de darmdoorlaatbaarheid komen deze moleculen vervolgens in de bloedbaan en reizen door het hele lichaam. Verhoogde cytokine bloedspiegels verhogen de doorlaatbaarheid van de bloed-hersenbarrière en vergroten de effecten van “slechte” moleculen uit de lekkende darm. Hun afgifte beïnvloedt hersenfuncties, wat kan leiden tot angst, depressie en geheugenverlies2.

Waarom is “darmmicrobiota-hersen-as” belangrijk?

Een gezonde darmfunctie is gekoppeld aan de normale functie van de hersenen2. Indien de “darmmicrobiota-hersen-as” niet meer goed kan functioneren, wordt de functie van een van de communicatieroutes ook minder. Dat resulteert in minder vermogen om de afgifte van zoutzuur (HCl) in de maag te activeren wat nodig is om eiwitten te kunnen verteren. Als je maag te weinig zoutzuur produceert, dan kan je niet meer goed eiwitrijk voedsel verteren, zoals vlees, vis en eieren. Je merkt het aan een gevoel na het eten, alsof je een baksteen in je maag hebt. Een ander gevolg is het ontwikkelen van een brandend gevoel na het eten. Dat komt doordat de onverteerde eiwitten in de maag gaan verrotten wat een zure omgeving creëert met brandend maagzuur als gevolg.

Enzymen die door de alvleesklier worden geproduceerd, verteren vezels en zetmeel, terwijl de galblaas gal produceert om vetten te verteren. Als deze organen minder goed functioneren door de verminderde functie van “darmmicrobiota-hersen-as”, kun je het vermogen om vezel en vetrijk voedsel te verteren verliezen. Dit kan leiden tot galstenen. Natuurlijk kunnen andere factoren hierbij een rol spelen, maar het is wel belangrijk om te weten dat brein-degeneratie ook kan leiden tot slechte vertering en ondervoeding.

Voeding als uitdaging voor het behoud van gezonde hersenen

Zoals je ziet, komen gezonde eetpatronen centraal te staan zodat je darmmicrobiota effectief jou als gastheer kan bedienen en daardoor je lichaam op zijn best te laten functioneren. Een uitdaging hierbij is het vinden van een compromis tussen de smaaksensaties en voedingswaarde van het eten. Deze voedingswaarde bereik je door de hoge kwaliteit van de producten, de juiste productsamenstelling die elkaar versterkt en de bereidingsmanier om optimaal voedingsstoffen op te kunnen nemen.

Helaas kan je de inhoud van deze pagina niet kopiëren